Recreatie:
Bergwandelen
Creditkaart
Cruise
Fietsvakantie
Kamperen
Reisgids maken
Reisverzekering
Vakantie & Auto
Vliegeren
Wandelen
Wintersport


Wandelen

De traditionele zondagswandeling uit grootvaders tijd - vader, moeder en kinderen op hun paasbest - heeft in het tijdperk van de jeans volledig afgedaan. Toch kunnen wandelingen voor kinderen nog steeds een kwelling zijn. Wandel toch weer eens door de natuur waarbij u die bekijkt als met de verwonderde ogen van een kind.

Wandelen is gezond voor de zenuwen en de bloedsomloop, dat weet iedereen inmiddels wel. De door sleur en stress gekwelde mens is blij, dat hij de steden van beton en glas kan ontvluchten en weer frisse lucht kan inademen in een bos of natuurreservaat. Met de auto zijn de mooiste plekjes ook vanuit de grote steden in korte tijd te bereiken. En de overheid heeft gezorgd voor speciale wandelpaden. Men kan gemakkelijke of moeilijke, korte of lange wegen uitzoeken. In de regel zijn er in de mooie bosgebieden parkeerplaatsen, waar wandelpaden op uitkomen. Andere weggetjes leiden naar bijzondere plekjes en toeristische bezienswaardigheden, zoals uitkijktorens en wildparken.

Opiniepeilingen in vele landen hebben aangetoond, dat men in zijn vrije tijd het liefst gaat wandelen of trekken. Andere bezigheden, zoals televisie kijken of dansen, scoorden veel lager. Men heeft dus ingezien, dat vooral voor stadsmensen een verblijf in de vrije natuur de beste compensatie is voor de dagelijkse spanningen. Zo is wandelen weer een volkssport aan het worden. Maar dat wil nog niet zeggen, dat alle mensen op de juiste manier wandelen. Want ook wandelen moet geleerd worden. Zelfs bij korte wandelingen moet men het juiste schoeisel en aan het weer aangepaste kleding dragen.

lemand, die de hele week in ruimten met centrale verwarming, misschien zelfs airconditioning zit, kan bij een licht briesje al een verkoudheid oplopen of na een mars van een uur allerlei lichamelijke klachten hebben. Pas na enige marsen en wandelingen is men zo ervaren en voldoende getraind dat men een wat langere afstand aankan en tegen de weersomstandigheden bestand is.

Oude rotten en mensen die aan wedstrijdsport doen weten dat en veraangenamen hun training nu en dan door een speels intermezzo. Sport en spel behoren onafseheidelijk bij elkaar. Wandelen en spelen ook. Door eentonigheid wordt vooral bij kinderen het plezier van het wandelen vergald, zodat het gezin na hooguit drie of vier zondagen weer achter het t.v.-toestel zit.

Op vlak terrein is het simpel om de tijd die voor een bepaalde afstand moet worden uitgetrokken, van tevoren uit te rekenen. In wandeltempo legt men in een uur 4, in marstempo ongeveer 5 krn af. Op besneeuwde of gladde wegen moet men zich met 3 km tevreden stellen.

Hier volgen een paar ideeën om afwisseling aan te brengen in een wandeldag. 'Wandelen, anders dan anders', is het motto. Want alleen wie met open ogen door de natuur loopt, komt bij het wandelen helemaal aan zijn trekken.

1. Wandelen als een onderzoeker

Dit doen we alleen nog maar op school. De leraar trekt met zijn leerlingen de natuur in en vertelt aan de hand van levende voorbeelden over planten en gewassen. Dat kunt u ook doen. Natuurlijk niet volgens het les,rooster, want de wandeling moet ten slotte voor iedereen een genoegen blijven.

Maar een beetje natuurkennis opdoen in de open lucht kan nooit kwaad en kan van de vaak saaie zondagswandeling een inspirerende, zelfs spannende middag maken.

Wist u, dat er meer dan 350 000 soorten planten zijn in de wereld? In Nederland zijn het er weliswaar niet meer dan ongeveer 1200 - maar toch al. genoeg om onze bossen, velden en weiden aan een nader onderzoek te onderwerpen. In het buitenland komen we dan een groot deel van de rest tegen.

Elke plant is een klein wonder der natuur en het is de moeite waard om ze grondig te bekik ken. Eventueel met een plantengids, die in elke boekhandel te koop is.

Op zo'n wandeling zien we, dat er niet alleen veet prachtig gekleurde bloemen in het wild groeien, maar ook een veelheid van grassen en mossen, die soms zelfs nog interessanter zijn. Maar laten we ook goed letten op de niet-groene planten en parasieten, die op andere planten groeien en daar hun voeding uit halen. Met een beetje geluk vinden we een vleesetende plant en kunnen we bekijken, hoe die haar voedsel tot zich neernt. Insekten verdrinken in haar sap of worden gevangen in haar tentakels, om direct daarna als door een dier te worden verzwolgen. De natuur is vol wonderen en geheimen. Wie met open ogen door bos en veld wandelt, zal er in elk geval enige nader leren kennen.

2. Wandelen als een boswachter

Boswachters wandelen buitengewoon oplettend door hun gebied. Wij gaan dat ook doen en kiezen eerst een bepaald bos- of weidegebied, dat we gedurende een bepaalde periode willen observeren. Al na , enkele weken zien we, dat een wandeling door steeds hetzelfde gebied niet altijd saai hoeft te zijn. Integendeel, dat heeft een speciale bekoring.

We zoeken bepaalde bomen, bloemen en grassen uit, waar we de ontwikkeling van de flora bij kunnen bestuderen. We schrijven onze waarnemingen in een schrift op en merken zo bij elk uitstapje, hoeveel de planten gegroeid zijn en hoeveel nieuwe bloemen erbij zijn gekomen. We beklimmen een uitkijkpost en observeren de dieren, sluiten vriendschap met reeën en herten en geven ze namen. 's Winters voeren we de vogels, die zijn achtergebleven en houden we ons bezig met het grotere wild. Misschien vindt de boswachter het wel goed, dat we hem helpen bij het voederen van het wild.

3. 's Nachts wandelen

Padvinders en soldaten weten wat dat is: kort voor middernacht uit bed, aankleden en een nachtmars maken door bos en veld. Wij doen het wat rustiger aan, maar in principe blijft alles hetzelfde.

Ook wij willen de natuur leren kennen in andere ornstandigheden. In het donker gaat voor ons een heel andere wereld open, die weinig gemeen heeft met de natuur overdag. Een groot aantal dieren, die we bij daglicht nooit zouden zien, kruipt 's nachts uit z'n holen of vliegt in de lucht.

Natuurlijk mogen we op zo'n wandeling de zaklantaarn niet vergeten, want vooral in een ons minder bekend gebied kunnen we 's nachts gemakkelijk verdwalen. Bij het observeren van dieren kan een nachtkijker goede diensten bewijzen, maar beslist noodzakelijk is het niet. Kinderen moeten in elk geval tevoren wat slapen, zodat de nachtwandeling niet te zwaar voor hen wordt.

Uiteraard is het aan te bevelen zo'n wandeling alleen maar in een niet te frisse nacht te maken. En 's winters zijn de nachten meestal zo koud, dat de lust ons snel zou vergaan.

De mooiste nachtwandelingen zijn natuurlijk te maken bij volle maan. Dan is ook een zaklantaarn niet nodig. Alles staat in het romantische, zilveren maanlicht, wat een heel aparte bekoring heeft. Vooral voor kinderen is een wandeling bij volle maan een sterk tot hun verbeelding sprekende belevenis, waar ze later nog vaak over zullen praten.

4. Wandelen in de regen

Als het regent, blijven de meeste mensen thuis. Slechts zeer weinigen weten, dat wandelen in de regen bijzonder goed voor de gezondheid en vooral rustgevend is.

Natuurlijk moet men zich op de speciale weersomstandigheden voorbereiden en alleen in regenkleding eropuitgaan. Want voor een wandeling is het nooit slecht weer, er is alleen maar verkeerde kleding. Een waterdichte poncho en rubber laarzen geven de beste bescherming, als men zich bij regen het bos in waagt.

Net als bij een nachtwandeling ziet de natuur er anders uit en men zal dieren zien, die men bij mooi weer nooit zou hebben waargenomen. Niet alleen de regenworm kruipt bij slecht weer uit de grond, ook andere dieren wagen zich uit hun holen en gaan pas goed leven als het regent. Planten schieten de grond uit en het gras glinstert als zilver. Na de regen genieten we van de geurige lucht, die uit de natte weiden en akkers opstijgt. Wie met open ogen door bos en weide wandelt, zal weer leren aanschouwen en zich verwonderen. De natuur is vol wonderen en geheimen. We behoeven ze slechts te ontdekken. En elk jaargetijde heeft zijn speciale bekoring.

Tips voor tippelaars

In een land, waarin het om de andere zondag regent, loont het zeker de moeite om een paar 'halve' (korte), lichte rubber laarzen te kopen.

Belangrijk: Reeds bij het aanpassen moeten er sokken in de laarzen zitten, die het voorheen bij rubber laarzen gevreesde zweet probleemloos absorberen. Goed zijn ook een paar tot aan de knieën reikende ('hele') laarzen, ook weer met sokken. Deze zijn, ondanks hun profielzolen, uitermate geschikt om te wandelen, orndat ze erg licht zijn. Bij regen helpt een gewoon windjack hoegenaamd niet. Het is op z'n hoogst een goede bescherming tegen wind.

Bij lange wandelingen moeten ook de zeiIjacks, die erg in de mode zijn, worden afgeraden. Het gummiachtige materiaal is veel te weinig ventilerend. Binnen de kortste keren is men er drijfhat in, niet van de regen, maar van de transpiratie. En het belangrijkste is dat een zeiljack niet tot over de laarzen hangt.

Maar wie een poncho draagt, blijft wel droog, omdat onze huid normaal kan blijven functioneren. Een poncho is nl. een soort schoudermantel, die oorspronkelijk door de Indianen in de Andes bij slecht weer werd gedragen. Ze zijn te koop in lichte, volkomen waterdichte kunststof. De naden zijn meestal gekit.

Zo'n poncho is tevens zeer geschikt als regenmantel en ook een rugzak kan er gernakkelijk onder.

© 2007 Alle rechten voorbehouden. Het is niet toegestaan om zonder schriftelijke toestemming van de auteur de inhoud van deze site op welke wijze dan ook te copiëren. Bij overtreding worden juridische stappen ondernomen. In geen enkel geval kan de auteur aansprakelijk worden gesteld voor de schade door de inhoud van deze site.