|
Hobby: |
Astronomie
Astronomie is een andere naam voor sterrenkunde. In veel oude liedjes wordt de vraag gesteld hoeveel sterren er wel aan de hemel staan. Tegenwoordig weten we het antwoord: tien triljard. Dat is een getal met zegge en schrijve 22 nullen. Deze tien triljard zijn wel alle sterren van het heelal. Volgens de astronomie bevonden in ons sterrenstelsel, in ons melkwegstelsel, zich 'slechts' tweehonderd milioen sterren. Dat zijn werkelijk astronomische getallen! Maar het wordt nog astronomischer. Alpha Centauri, de ster, die het dichtst bij de aarde staat, is meer dan 4,3 lichtjaren van ons verwijderd. En een lichtjaar - dat is de afstand, die het licht in een jaar aflegt komt overeen met een afstand van 9 biljoen kilometer. Een uitbarsting op Alpha Centauri zouden wij pas vier jaar en vier maanden later kunnen waarnemen! De helderheid van een ster hangt overigens niet alleen af van zijn grootte en afstand tot de aarde, maar vooral van zijn hoedanigheid en temperatuur. De lichtkracht van de sterren wordt door de wetenschap in klassen onderverdeeld; elke volgende Masse straalt steeds een licht uit dat 2,5 maal zo zwak is. Hoe hoger dus de klasse, hoe zwakker het licht. Voor leken is een vergelijking interessant. Ter oriëntatie: het sterrenbeeld 'de Kleine Beer' verdeeld in de 2e, 3e, 4e en 5e klasse. Het menselijk oog kan zonder hulpmiddelen bij helder zicht slechts ongeveer tweeduizend sterren waarnemen, met een eenvoudige telescoop tot 400 000 sterren, d.i. ongeveer tot de negende klasse. Hoe sterker de vergroting van een telescoop is, hoe meer sterren men ziet. Uw eerste waarnemingen van de sterrenhemel hebben feitelijk reeds succes met een gewone veldkijker. Wie naar de sterren kijkt, lijkt onder een met sterren bezaaide koepel te staan, die draait. Wij weten natuurlijk, dat het de aarde is, die draait. En de aardas wijst altijd in de richting van de noord- of poolster. Daarom is de poolster aan het firmament het licht, waarop wij ons kunnen oriënteren. Hij staat op de noordpool in het zenit. Hoe zuidelijker men komt, des te lager zakt de poolster aan de horizon. Aan onze sterrenhemel, de noordelijke sterrenhemel, ziet men talloze vaste sterren opkomen en ondergaan. Vele blijven altijd aanhet firmament. Het zijn de zogenaamde circumpolaire sterren, de vaste sterren dus, die om de poolster draaien. Ze laten ons het hele jaar door 's nachts dezelfde sterrenbeelden zien: Voerman, Zwaan, Draak, Grote Beer, Kleine Beer, om er een paar te noemen. Ze draaien in een halve cirkel orn de poolster. Wie dus in het heelal thuis is, kan uit hun stand op elk moment de tijd aflezen. Verder moet men er rekening mee houden, dat door de 'ecliptica' - de baan die de zon in een jaar schijnt te doorlopen - en daardoor de positie van de aarde ten opzichte van de zon, onze sterrenhemel dagelijks verandert; het is zo dat we elke dag vier minuten dichter bij de sterren komen. Omgerekend per jaar, is dat 24 uur. Slechts eenmaal per jaar zien we een bepaald sterrenbeeld op dezelfde plaats. Anders gezegd: Bij de omloopbaan van de aarde van 360 graden verandert de dagelijkse positie t.o.v. het firmament steeds met een graad per dag; per maand (30 dagen) dus met 30 graden. Even narekenen: 24 uur is 1440 minuten; 1440 minuten gedeeld door de dagelijkse afwijking van 4 minuten = 360. De 1/360 op onze schaal. En 30/360 is een maand, die in de oudheid werd genoemd naar het sterrenbeeld, waarin de zon 's morgens opging. Het zijn de twaalf beroemde sterrenbeelden, die te zamen de zogenaamde dierenriem vormen: Ram, Stier, Tweelingen, Kreeft, Leeuw, Maagd, Weegschaal, Schorpioen, Boogschutter, Steenbok, Waterman en Vissen. Ze zijn overigens altijd maar kort te zien, na zonsondergang en na zonsopgang. Wie de precieze tijd van de sterrenhemel wil afiezen, moet rekening houden met de dagelijkse, respectievelijk maandelijkse afwijking. Het best kunt u hiervoor zelf een sterrenkaart maken, die u kunt veranderen. Voor de amateurastroloog is een eenvoudige draaischijf al voldoende. U weet dat er sterrenbeelden zijn. Ze werden ons overgeleverd uit de sagencyclus van de Grieken. Bijna elk sterrenbeeld, waar we thans over spreken, werd geboren uit de fantasie van de klassieke oudheid. Elk sterrenbeeld heeft zijn (soms) pikante geschiedenis, waarin de Griekse goden vaak weinig roemrijke rollen speelden. Ook dat vertelt de sterrenhemel ons. Men kan veel uit de sterren lezen: astronomie, astrologie en zelfs mythologie. Over het ontstaan van het heelal bestaan verschillende theorien. Een ervan is de Big Bang-theorie, waarbij ervan wordt uitgegaan dat alle materie heel lang geleden geconcentreerd was in een lichaarn, dat door een enorme explosie uiteengereten werd. Een andere is de Steady Statetheorie, die ervan uitgaat dat voortdurend nieuwe materie gevormd wordt, dus dat een continue schepping plaatsvindt. Als je je wilt gaan verdiepen in astronomie. moet je er wel rekening mee houden dat je er verslaafd aan kunt raken, want het is ongelooflijk interessant. Een aanrader is "Cosmos" van Carl Sagen.
|
© 2007 Alle rechten voorbehouden. Het is niet toegestaan om zonder schriftelijke toestemming van de auteur de inhoud van deze site op welke wijze dan ook te copiëren. Bij overtreding worden juridische stappen ondernomen. In geen enkel geval kan de auteur aansprakelijk worden gesteld voor de schade door de inhoud van deze site.